Communicatiemodel (OVK)

< Alle onderwerpen

OVK-model

Eric Berne ontwikkelde zijn eerste ideeën over het OVK-model (Ouder – Volwassene – Kind) tijdens zijn werk als psychiater voor het Amerikaanse leger. Zijn beoordeling in de tweede wereldoorlog van ongeveer 25.000 soldaten vormde het begin van zijn denken over dit model als mogelijkheid om iemands persoonlijkheid te beschrijven. Hij gaf aan dat elk mens drie herkenbare types van ego-toestanden bezit en hij noemde deze Ouder, Volwassene en Kind. De begrippen schreef hij met hoofdletters om ze te onderscheiden van echte ouders, volwassenen en kinderen en gaf hij grafisch weer met de bekende drie bollen.

Hij noemde de bollen Ouder, Volwassene en Kind ego-toestanden. Een ego-toestand definieerde hij als een consistent patroon van denken, voelen en ervaren dat direct samengaat met een overeenkomstig patroon van gedragingen.

  1. De Ouder: waarbij we reageren zoals we onze ouders of andere belangrijke opvoeders hebben zien doen. In de Ouder hebben we bijvoorbeeld waarden en normen opgeslagen die vroeger voor onze ouders belangrijk waren.
  2. De Volwassene: waarbij we logisch reageren, overeenkomstig de realiteit in het hier en nu.
  3. Het Kind: waarbij we denken, voelen en handelen zoals we vroeger deden als kind.

Berne hechtte grote waarde aan het onderscheid in structuur en functionaliteit van de egotoestanden. De structurele ego-toestanden zijn onze eigen inhoudelijke patronen van denken, voelen en gedragen. De functionele ego-toestanden zijn hoe wij onze ego-toestanden gebruiken in relatie tot anderen in waarneembaar gedrag. 

Structurele model

 
Ouder ego-toestand
Gedrag, gedachten of gevoelen, overgenomen van ouders of ouderfiguren

 
Volwassene ego-toestand
Gedrag, gedachten en gevoelens die een directe respons zijn op het hier-en-nu
 

Kind ego-toestand, 
Gedrag, gedachten en gevoelens, vanuit de kinderjaren herhaald
 

Elk moment van de dag bevinden we ons in een van deze drie ego-toestanden en omdat we steeds van ego-toestand wisselen zijn er veranderingen in ons gedrag zichtbaar. Alle ego-toestanden zijn van waarde. Het gaat erom dat er een balans is tussen de drie posities en dat je een keuze kunt maken die binnen de gegeven situatie het meest adequaat is.

Functionele model

Het functionele diagram van de ego-toestanden laat ons zien hoe we deze gebruiken in relatie tot anderen in waarneembaar gedrag. De functionele egotoestanden verdeelt de Ouder ego-toestand in Structurerende en Voedende Ouder en de Kind ego-toestand in Natuurlijk Kind en Aangepast Kind. De ego-toestanden Ouder en Kind kennen ook ineffectieve gedragingen. Als je je bewust wordt van de ineffectiviteit van je gedrag, dan liggen er vijf opties in het effectieve gebied voor je open!

  • De Structurerende Ouder trekt grenzen, geeft een mening en biedt structuur (+), of is overmatig kritisch, oordelend en dominant (-). 
  • De Voedende Ouder is zorgzaam en geeft complimenten en aandacht (+) of is overdreven bezorgd, sussend of pamperend (-).
  • Het Aangepast Kind kan zich letterlijk aanpassen en sociaal gedragen (+) of juist teveel rekening houden met anderen, de eigen verantwoordelijkheid niet nemen of juist gaan rebelleren (-). We spreken in dit laatste geval ook wel over het Rebelse Kind.
  • Het Natuurlijk Kind kan spontaan, kwetsbaar, creatief en leergierig zijn (+) of zijn eigen gang gaan zonder met iemand rekening te houden (-)

Bronnen

Berne, E. (1963), The structure and dynamics of organizations and groups. Philadelphia: J.B.Lippincott Co.
De Graaf, A. en Kunst, K. (2005), Einstein en de kunst van het zeilen (7e druk). Amsterdam: SWP.
Thunnissen, M. en De Graaf, A. (red.) (2013), Leerboek Transactionele Analyse. Utrecht: De Tijdstroom. 

Introductieleergang Transactionele Analyse

Wat is Transactionele Analyse (TA)? Zou het iets voor mij zijn? En wat leer ik dan? Voor iedereen die nieuwsgierig is en wil kennismaken met TA is er de introductieleergang TA.

Direct aanmelden